Er wordt wel eens beweerd dat je niet in je droomauto moet gaan rijden, omdat die actie je een illusie armer maakt. Dat is me ook wel eens gebeurt, maar overduidelijk niet met de Lotus Elise. Al sinds de documentaire ‘Project M 1-11‘ op Discovery voelde ik dat deze auto heel bijzonder ging worden. Ik trok voor de Klassiekerrally Winterswijk dan ook de stoute schoenen aan en belde met de importeur, Van der Kooi. Of ze er iets voor voelden om met een Elise in een stand in ons ‘paddock’ te staan… Nee, ik kon ze geen verkopen garanderen… Geen probleem? Mooi!
En zo werd ik tijdens de Klassiekerrally door Willem van der Kooi meegenomen in de Lotus Elise. Een staande start van 0 naar 100 km/u. Een seconde of zes. Laten het er zeven geweest zijn… Uit een blokje met amper 120 pk. Wauw! Mijn tweede ‘live’ kennismaking met een Elise was in -ik denk- 1999. Het was een Nautilus Blue exemplaar, waarin ik mee mocht rijden voor een reportage in een regionaal advertentieblad. Ik kan me niet meer herinneren of het een 111 of 111S was, maar dat maakt ook niet uit. De liefde ‘Für Elise’ (sorry, kon het niet laten) was tijdens het ritje met Willem van der Kooi al opgelaaid om nooit meer te doven…

P7046622

En ook een derde rit in een Lotus Elise kon mijn droom niet in duigen laten vallen. Ditmaal een door Komo-Tec opgevoerd exemplaar. Zwart. Ik had de livery ontworpen voor AutoEvent.nl, waarbij ik met een schuin oog naar de Elise Sport heb gekeken. In deze auto heb ik -als bijrijder- in 2005 ook mijn eerste en tot nu toe enige ronde over de Nordschleife beleefd. Geen auto die ons inhaalde, zelfs de talrijke Porsches niet! De droom werd alsmaar sterker.

De kleur Nautilus Blue was nog steeds mijn favoriet, tot Lotus een gelimiteerde editie uitbracht in de kleuren van de door Gold Leaf gesponsorde Lotus Type 49. Een kleurcombinatie die je óf mooi, óf spuuglelijk vindt. Ik was in elk geval de kleur Nautilus Blue spontaan vergeten. Dit moest ‘m worden! Het feit dat dit geen dertien-in-een-dozijn-kleur is, en natuurlijk de historische achtergrond maakten deze Elise wat mij betreft nóg begeerlijker. De kleuren wit-goud-rood zijn namelijk niet zomaar gekozen door een designafdeling, maar komen rechtstreeks uit de oude doos. De fantastische ‘Type 49’ Formule 1 auto was de eerste auto die gebruik maakte van de legendarische Cosworth-Ford DFV V8 motor, en ook de eerste F1 auto die in de kleuren van een sponsor getooid werd. Het British Racing Green werd in 1968 -na de tragische dood van Jim Clark- vervangen door de kleuren van een tabaksmerk, waarmee Colin Chapman vriend en vijand versteld deed staan. Het schijnt zelfs zo te zijn dat de BBC overwoog F1 wedstrijden niet uit te zenden als Lotus meedeed met hun door Gold Leaf gesponsorde bolide. Dat is nu uiteraard ondenkbaar…

P7046646

De Elise is overigens niet de eerste straatauto die gehuld werd in de Gold Leaf kleuren. Eerder al brachten de Elan en de Europa op deze manier een ode aan de Type 49. De Europa is echter bekender in de zwart-gouden John Player Special kleuren, overigens net als Gold Leaf een tabaksmerk van Imperial Tobacco. De JPS kleuren werd op veel meer F1 auto’s gebruikt, waardoor die versie ook veel bekender is dan de Gold Leaf versie. Tot aan de Elise zag je deze ‘vla-flip’ kleuren dan ook alleen nog tijdens historische race-evenementen.

Maar terug naar de Elise. Afgezien van de kleuren is het namelijk een ‘gewone’ 111. Dus met een 1,8 liter Rover K-series motor die een kleine 120 pk produceert. Gezien het lage gewicht van de Elise (rijklaar 830 kilo, leeg 100 kilo minder). Met de overige specificaties zal ik jullie hier niet vermoeien, dat is in de ‘Project M1-11′ documentaire uitgebreid aan bod gekomen en wordt in diverse boeken en op vele websites breed uitgemeten. De cijfers zijn indrukwekkend, maar hoe rijdt dat nou, zo’n Elise? Tijd voor een vierde ontmoeting met Elise en een gelegenheid om video- en fotomateriaal te maken voor Klassiekerrally.nl!

P7046592

Met m’n stoute schoenen aan stapte ik daarom op een maandagmiddag de showroom van Lotus-importeur Van der Kooi Sportscars in Lochem binnen, om -na even met Mart van der Kooi gekletst te hebben- geheel happy weer naar buiten te wandelen. ‘Wanneer wil je de Elise meenemen?’ vroeg Mart. ‘Als het mooi weer is, op een maandag.’ antwoorde ik. ‘Dat is 5 juli van 12 tot 6.’ verzekerde Mart me. Prima! Dus stond ik maandag 5 juli om klokslag veel-te-vroeg bij Mart voor de balie. Uiteraard geheel in stijl met witte broek en rood Lotus Team Gold Leaf poloshirt. Kleren maken de man!

Nadat Mart het dak verwijderd had, lepelde ik mezelf over de brede alu dorpel in de deels met rood alcantara beklede dunne -maar naar mijn smaak best comfortabele- sportkuip. Ik vraag me telkens weer af hoe je in hemelsnaam elegant in moet stappen wanneer het dak op de auto zit. Moet ik toch nog eens proberen! Zodra ik een van de bulletcams in het interieur had geplaatst, vertrok ik richting Winterswijk. Eerst rustig warmrijden. Geen probleem. Ook bij lagere toeren klinkt deze Elise al lekker door de gemonteerde sportuitlaat. Persoonlijk vind ik de standaard uitlaat echt veel te stil. Een sportwagen mag best lekker klinken, nietwaar?

P7046577

Nog eens versterkt door de slanke stoelen die je innig omhelzen, is de Elise echt een auto die je ‘aantrekt’. Je zit er in en hebt gelijk het idee dat alles klopt. Het zicht rondom is goed, het stuurtje ligt lekker in de hand, de pook goed binnen bereik. Kijk je wat aandachtiger naar de elementen in en om het interieur, dan zie je naast de geëxtrudeerde aluminium elementen waaruit een groot deel van de auto bestaat ook nog lichtschakelaars uit een Peugeot (106 en latere 205’s), bedieningshendels achter het stuur van een Opel (net als de contactsleutel), de buitenspiegels van de Austin Metro/Rover 100, en in dit geval een volledig overbodige radio. Goed, die kun je aanzetten wanneer je de auto wast. Maar verder? Weg met dat ding! De muziek maak je zelf! Het volume regel je met je rechter voet en het ritme met je linker voet en rechter hand. Levert telkens weer een lekker deuntje op!

P7046582

Wat de versnellingspook betreft: Die behoeft enige overtuigingskracht van de rechterhand om van verzet te wisselen. Het gaat nogal stug, waarschijnlijk door de kabelbediening van de bak en misschien ook door de hoge kilometerstand. Hoewel dat laatste waarschijnlijk niet echt de oorzaak is: Technisch en optisch houdt Van der Kooi de auto netjes bij. Toch kan je na enige gewenning snel en soepel schakelen. Doe je dat vanuit stilstand met volledig ingetrapt gaspedaal dan word je getrakteerd op een heerlijke roffel en staat ’t stiksel van de rugleuning fijntjes in ’t vel van je rug geprent. Zoals gezegd: De Lotus Elise 111 weegt ongeveer net zo veel als een Fiat Panda, en die schijnt in de 100 pk-uitvoering al een feestje te zijn om in te rijden. Kan je nagaan wat 20% meer vermogen voor een glimlach op je gezicht tovert! Overigens zorgen de geweldig plakkende Yokohama Advan banden er wel voor dat de koppeling bij extreme accelleratie flink op z’n donder krijgt, wat je dan ook ruikt. Niet te vaak doen dus. Een tussensprint is sowieso veel leuker dan als een puber met te veel Red Bull op telkens vanuit stilstand weg te blèren. Dat heb je niet nodig. Dat heeft de Elise niet nodig. Hard gaan in een rechte lijn is namelijk geen echte kunst. Het gaat om de gebogen stukken weg die de rechte stukken met elkaar verbinden: Bochten! Dát is het echte werkterrein van de Elise. Bochtige landwegen met bij voorkeur glad asfalt.

P7046607

Ongemerkt sleur je de kleine schoonheid daar op ongekende snelheid doorheen. Alleen sommige fietsers doen je -wild gebarend met hun handen- op de snelheidsmeter kijken. Tachtig kilometer per uur. Netjes legaal dus. Maar het geeft wel aan dat de Elise de natuurwetten aan z’n laars lijkt te lappen. En dat sommige fietsers daar nogal allergisch op reageren. Afgezien van de boze fietsers krijg je met de Elise alleen maar positieve reacties. Het is geen auto die agressief overkomt. Sommige mensen vinden ‘m zelfs wat te lief ‘kijken’. Zelf heb ik daar geen enkele moeite mee. De vorm van de auto lijkt wat op auto’s als de Ginetta G12, Lotus 23, Lola T70 en de Chevron B8, met een vleug Ford GT 40 (gaten in de neus). En ondanks dat ik de S2 Elise inmiddels ook erg fraai vind, blijf ik de S1 het mooist vinden. Helemaal in deze kleurcombinatie. De goedkeuring van m’n vrouw heb ik al binnen. Nou ’t benodigde kleingeld nog…

Met dank aan Mart van der Kooi van Van der Kooi Sportscars in Lochem, Mark Ros voor het verzorgen van de ‘camera-auto’ en Daniël te Riet voor het maken van de foto’s vanuit de kofferbak van de camera-auto.


10 gedachten over “Lotus Elise 111 Type 49

  • 2 maart 2011 om 20:24
    Permalink

    Kwam deze tekst toevallig tegen.Erg leuk.
    Ben zelf in het bezit van een Elise S2.Zelf omgebouwt van RHD naar LHD.
    Ik rijd en nu niet zoveel in,maar ik geniet er elke dag van.(te zien op Hyves Lotus Elise)
    Een geweldig karretje.(en betaalbaar) 😉

    Beantwoorden
    • 2 maart 2011 om 20:42
      Permalink

      Hallo Ronald, welkom hier. Waar ik benieuwd naar ben is of het ombouwen erg moeilijk is (ik heb wel enige sleutelervaring), en of de kosten het voordeel van een RHD t.o.v. een LHD niet teniet doen. Kan je daar meer over vertellen?

      Beantwoorden
      • 13 februari 2012 om 15:06
        Permalink

        Hallo Wim,
        De kosten liggen tussen de 2 en 3 duizend euro.Alleen niet alle onderdelen (dashbord, waar de kachel en radio zitten) zijn meer te krijgen.Ik heb ze in december weer(4 jaar geleden ook al) besteld en hoop ze nu wel te krijgen.(Elise shop)Lukt dit niet dan ga ik mijn oude dashbord zelf ombouwen.(kachel links, radio rechts)
        De hele ombouw valt heel erg mee.Het kost wel wat tijd( hele voorkant moet eraf), maar het is zeker wel te doen!! Versnellingspook en midden consule kun je ook verplaatsen.Ben zelf 1.90 cm en pas er “gemakkelijk” in.Heb je vragen (ronaldelderhorst@hotmail.nl) Succes!!

        Beantwoorden
  • 1 januari 2011 om 20:39
    Permalink

    Schitterend stukje tekst, ik ben helemaal gevangen.
    Prachtig simplistisch interieur ook, óóit zal ik eigenaar zijn van een Elise. Voorlopig ben ik de gelukkige liefhebbende eigenaar van een MX-5 NA.

    Beantwoorden
    • 1 januari 2011 om 23:12
      Permalink

      Dank je, Jesper. Een MX-5 is trouwens ook een waanzinnig fijn sturende auto, maar ik pas met mijn lengte helaas niet in de eerste en tweede serie. In de nieuwste heb ik nog nooit gereden, misschien dat die wel groot genoeg is. Maar je raadt ’t al: Ik zal toch doorsparen voor een Elise 😉

      Beantwoorden
  • 23 juli 2010 om 12:11
    Permalink

    mooi verhaal en foto’s Wim 8)
    ja het zijn heerlijke scheurkarretjes voor de binnendoor boeren weggetjes, leuke stuur auto’s.

    Beantwoorden
  • 22 juli 2010 om 22:32
    Permalink

    S1 had standaard alleen maar de K-series motoren. Is echt een heel fijn blok, zolang je ’t goed behandelt.
    De auto krijg je nauwelijks uit ’t gareel op een droge weg. De Yokohama Advan banden dragen hun steentje daar ook aan bij. Kleven geweldig!

    Beantwoorden
  • 22 juli 2010 om 10:38
    Permalink

    Gaaf stuk weer Wim, super. Ik kijk ook regelmatig stiekem naar een S1 / S2. Liefst met de Toyota d’r in.

    Gaat ie makkelijk ‘om’ als midden in de bocht gas bij geeft?

    Beantwoorden
  • 21 juli 2010 om 20:09
    Permalink

    Zolang m’n vrouw werk houdt, kunnen we maandelijks wat sparen. Als ik daarnaast voldoende websites kan bouwen, komt die Lotus er nog wel voor m’n vijftigste 😉

    Beantwoorden
  • 21 juli 2010 om 15:19
    Permalink

    Dus wordt het serieus tijd dat je een manier gaat vinden deze droom te verwezelijken.
    Eigenlijk ligt de lat niet eens zo hoog, ik bedoel een 355 Ferrari of een Iso Grifo 7 liter, een Metro 6R4
    of een Maxi Turbo R5 liggen allemaal een stuk hoger.
    Wat ik eigelijk wil zeggen is : go for it !

    Beantwoorden

Geef een reactie

You have to agree to the comment policy.